Extra ogen op de tram
Leesduur 2 minuten

Meer veiligheid met ‘extra ogen’ op tram

In september is een proef gestart met het Shield+ systeem op de tram. Dit systeem is een combinatie van 3 smart camera’s – met software – die op de voorkant en zijkanten van de tram worden bevestigd. Het systeem fungeert als extra hulpmiddel om andere verkeersdeelnemers te signaleren, onder andere in de dode hoek. De techniek wordt nu al met succes toegepast op personen- en vrachtwagens. GVB hoopt met dit systeem de veiligheid te verhogen, het aantal aanrijdingen in de drukker wordende stad verder te laten afnemen en de schade aan eigen materieel te verlagen.

Proef

Het systeem (van Mobileye, waarvoor V-tron B.V. de distributeur is) dat gebruikt wordt tijdens de proef, waarschuwt de trambestuurder wanneer iets of iemand zich voor, of in de dode hoek van de tram bevindt. “Het wordt steeds drukker in de stad en dat zorgt voor meer kleinere incidenten. Wij doen er vanuit onze kant alles aan om het tij te keren, en de veiligheid te verbeteren. Met de Shield+ gaan onze bestuurders als het ware met een extra paar ogen op pad”, aldus Alexandra van Huffelen, algemeen directeur GVB. “Ik wil wel benadrukken dat veilig verkeer een gedeelde verantwoordelijkheid is van álle weggebruikers. Laat je dus niet afleiden en blijf alert in het drukke verkeer: een tram staat nu eenmaal niet in een split second stil na het remmen.”

Zeven trams

Het systeem is geïnstalleerd op zeven trams van lijn 17 en loopt tot januari 2018. In de proef op de tram zijn drie fases ingebouwd: in de eerste fase waarschuwt het systeem de bestuurder door middel van een geel lichtsignaal (wees alert) op het dashboard en frame in de bestuurderscabine. In fase twee verschijnt een rood licht (direct stoppen) en komt daar een piepsignaal bij. In een eventuele derde fase is het mogelijk om de tram zelfstandig te laten remmen als de bestuurder niet reageert op het signaal. GVB verwacht die derde fase nooit te gaan gebruiken; daarvoor is het simpelweg te druk in de stad, en dienen wezenlijke aanpassingen aan de voertuigen te worden uitgevoerd.

© GVB 2019